Voorbereiding: de koppelingsmodus activeren op het luidsprekersysteem
Koppelen is een proces waarbij informatie geregistreerd wordt over BLUETOOTH-apparaten die draadloos verbinding met elkaar moeten maken. Om BLUETOOTH-apparaten in combinatie met het luidsprekersysteem te kunnen gebruiken, moet u voor elk apparaat de volgende koppelingsprocedure uitvoeren.
De koppelingsinformatie wordt op het luidsprekersysteem opgeslagen wanneer het luidsprekersysteem uitgeschakeld wordt.
Controleer het volgende voor u de bediening start.
- Plaats het BLUETOOTH-apparaat op minder dan 1 m van het luidsprekersysteem.
- Sluit het luidsprekersysteem met behulp van een netadapter aan op een stopcontact of zorg ervoor dat de ingebouwde batterij voldoende opgeladen is.
- Zet het volume van het BLUETOOTH-apparaat lager of stop de muziekweergave om te voorkomen dat het luidsprekersysteem plots luide geluiden produceert.
- Houd de gebruiksaanwijzing die bij het BLUETOOTH-apparaat geleverd is klaar om te raadplegen.
-
Schakel het luidsprekersysteem in.
De
(voeding)-indicator op de voorluidspreker licht groen op.
-
Tik op het weergavegebied met via BLUETOOTH verbonden apparaten (
Niet verbonden) boven aan het afstandsbedieningsscherm van de app.Het luidsprekersysteem schakelt over naar de koppelingsmodus, u krijgt het gesproken bericht (Pairing (koppelen)) te horen en de
(BLUETOOTH)-indicator op de voorluidspreker knippert herhaaldelijk twee keer.
Als er al een ander BLUETOOTH-apparaat verbonden is met het luidsprekersysteem, selecteert u [Met andere apparaten verbinden].
Bediening via de voorluidspreker
U kunt de koppelingsmodus ook activeren op het luidsprekersysteem door op de voorluidspreker op
(BLUETOOTH) te drukken.
Opmerking
- Als er een verbindingsgeschiedenis is, wordt de koppelingsmodus van het luidsprekersysteem na ongeveer 5 minuten opgeheven en knippert de
(BLUETOOTH)-indicator langzaam. Als de koppelingsmodus wordt opgeheven voor het proces voltooid is, herhaalt u de procedure vanaf stap 2.

