Bovenkant

Dit is een illustratie van de bovenkant van de camera. De illustratie toont de locatie van elk onderdeel op de bovenkant van de camera met de lens naar u toe gericht. De zoeker bevindt zich in het midden van de bovenkant en het onderdeel met het nummer 6 bevindt zich bovenop de zoeker. De knoppen enz. met de nummers 1 tot en met 5 bevinden zich aan de linkerkant van de zoeker. Het onderdeel met het nummer 7 bevindt zich aan de rechterkant van de zoeker. De onderdelen met het nummer 8 bevinden zich aan de linker- en rechterkant van de zoeker.

  1. Stilstaande/bewegende beelden/S&Q-keuzeknop

    U kunt de opnamefunctie veranderen.
    Draai de stilstaande/bewegende beelden/S&Q-keuzeknop terwijl u de ontgrendelknop van de vergrendeling aan de voorkant van de keuzeknop ingedrukt houdt.

  2. Functiekeuzeknop

    "AUTO" bevindt zich op een uitsteeksel. Gebruik het uitsteeksel als hulpmiddel bij de bediening.

  3. Besturingsknop L

    U kunt de instellingen voor elke opnamefunctie snel veranderen.

  4. Besturingsknop R

    U kunt de instellingen voor elke opnamefunctie snel veranderen.
    Door op de vergrendelingsknop in het midden te drukken, wordt de keuzeknop omgeschakeld tussen de vergrendelde en ontgrendelde stand. De keuzeknop is ontgrendeld wanneer de vergrendelingsknop omhoog staat en de witte lijn zichtbaar is.

  5. ON/OFF (Aan/Uit)-schakelaar
  6. Multi-interfaceschoen*

    Sommige accessoires kunnen niet helemaal erin worden gestoken en steken een stukje uit de multi-interfaceschoen. Echter, wanneer het accessoire tot aan de voorkant van de schoen erop is geschoven, is de aansluiting correct.

  7. Positiemarkering beeldsensor
    • De beeldsensor is de sensor die het licht omzet in een elektrisch signaal. De positie van de beeldsensor wordt aangegeven met (Positiemarkering beeldsensor). Wanneer u de exacte afstand meet tussen de camera en het onderwerp, kijk dan naar de positie van de horizontale lijn.

    • Als het onderwerp dichterbij is dan de minimale opnameafstand van de lens, kan de scherpstelling niet worden bevestigd. Zorg voor voldoende afstand tussen het onderwerp en de camera.
  8. Microfoon

    Bedek dit deel niet tijdens het opnemen van bewegende beelden. Als u dit doet kan ruis worden veroorzaakt of het volume worden verlaagd.


* Voor meer informatie over accessoires die compatibel zijn met de multi-interfaceschoen gaat u naar de Sony-website of neemt u contact op met uw Sony-dealer of het plaatselijke, erkende servicecentrum van Sony.
Ook accessoires voor de accessoireschoen kunnen worden gebruikt. De werking van accessoires van andere fabrikanten kan niet worden gegarandeerd.

Logo multi-interfaceschoen

Logo accessoireschoen

TP1002213558