Zoom

Vergroot beelden tijdens het opnemen met behulp van de achterste lensring of de W/T-(zoom)knop.

  1. Vergroot beelden met behulp van de achterste lensring of de W/T-(zoom)knop.
    • Draai de achterste lensring naar rechts om in te zoomen en naar links om uit te zoomen.
    • Beweeg de W/T-(zoom)knop naar de T-kant om in te zoomen en naar de W-kant om uit te zoomen.

Hint

  • Wanneer de scherpstellingsfunctie is ingesteld op [Continue AF], kunt u zoomen met behulp van de achterste lensring terwijl de automatische scherpstelling blijft werken.
  • Wanneer [Enkel opt. zoom], is ingesteld op iets anders dan [Zoombereik], kunt u het zoombereik van de optische zoom overschrijden bij het zoomen van beelden.
  • U kunt de zoomfunctie toewijzen aan de voorste lensring door MENU (Instellingen) → [Bedien. aanpass.][Lensring instellen] te selecteren.
  • U kunt de functies inzoomen (T) en uitzoomen (W) toewijzen aan elke draairichting van de lensring waaraan de zoomfunctie is toegewezen door MENU (Instellingen) → [Bedien. aanpass.][Zoomring draaien] te selecteren.

Opmerking

  • U kunt niet zoomen met behulp van de W/T-(zoom)knop terwijl u scherpstelt door de AF-ON (AF-aan)-knop of de ontspanknop tot halverwege in te drukken of terwijl de scherpstelling is vergrendeld met behulp van de scherpstelling-vasthoudknop.
TP1002494940