De headset opzetten

  1. Plaats de headsetoorstukken in uw oren.

    Draag het headsetoorstuk met de -markering (links) in uw linkeroor en het headsetoorstuk met de -markering (rechts) in uw rechteroor. Het linker headsetoorstuk heeft een voelstip (A).

    Illustratie met de locatie van A


    Zorg ervoor dat u niet op de knop (B) drukt wanneer u de headsetoorstukken in uw oren plaatst.

    Illustratie met de locatie van B

  2. Zorg ervoor dat de headsetoorstukken comfortabel in uw oren geplaatst zijn.

    Draai met het headsetoorstuk om het oordoptopje diep in uw gehoorgang te schuiven.

Hint

  • Bekijk de illustratie in stap 2 om na te gaan hoe u het headsetoorstuk moet vasthouden wanneer u het in uw oor aanbrengt of de positie ervan aanpast.

Zorgen voor een goede geluidskwaliteit, correct volume, goede oproepkwaliteit enz.

Als de oordoptopjes niet goed in uw gehoorgangen passen of als u de headset niet goed in uw oren draagt, is de kwaliteit van het geluid, het volume of de oproep mogelijk niet goed.

Probeer het volgende als dit het geval is.

  • Probeer bij het veranderen van de oordoptopjes altijd eerste de grootste oordoptopjes en pas daarna de kleinere formaten. Het is mogelijk dat u links en rechts een ander formaat oordoptopjes nodig hebt.
  • Controleer of de headset goed in uw oren geplaatst is (zie stap 2). Draag de headset zodat het oordoptopje op een comfortabele manier zo diep mogelijk in uw gehoorgang geplaatst is.

Hint

  • U kunt ook muziek afspelen, telefoongesprekken voeren enz. wanneer u slechts een van de headsetoorstukken draagt.