D-bereikoptimal. (stilstaand beeld/bewegende beelden)
Door het beeld onder te verdelen in kleine gebieden, analyseert het apparaat het contrast van licht en schaduw tussen het onderwerp en de achtergrond, en creëert een beeld met de optimale helderheid en gradatie.
-
MENU →
(Belichting/kleur) → [Kleur/toon] → [
D-bereikoptimal.] → gewenste instelling.
Menu-onderdelen
- Uit:
- De helderheid en gradatie worden niet aangepast.
- D.-bereikopt.:
- Als u [Dynamische-bereikopt.: auto] selecteert, zal de camera automatisch de helderheid en gradatie aanpassen. Om de gradatie van een opgenomen beeld per afzonderlijk gebied te optimaliseren, selecteert u een optimalisatieniveau van [Dynamische-bereikopt.: 1] (zwak) tot [Dynamische-bereikopt.: 8] (sterk) wanneer u stilstaande beelden opneemt, en van [Dynamische-bereikopt.: 1] (zwak) tot [Dynamische-bereikopt.: 5] (sterk) wanneer u bewegende beelden opneemt.
Opmerking
- In de volgende situaties ligt [
D-bereikoptimal.] vast op [Uit]:
-
Als [
Beeldprofiel] is ingesteld op iets anders dan [Uit]
- Als [Log-opname] is ingesteld op [Aan (flexibele ISO)].
-
Als [
- Tijdens opnemen met [D.-bereikopt.] kan ruis voorkomen in het beeld. De ruis kan vooral merkbaar zijn wanneer u [Dynamische-bereikopt.: 6] tot [Dynamische-bereikopt.: 8] hebt geselecteerd. Tevens, hoe hoger de ISO-gevoeligheid, hoe merkbaarder de ruis is. Selecteer het juiste niveau door het opgenomen beeld te controleren wanneer u het effect sterker maakt.
TP1001964083