Verlichtingsinstell.

U kunt de verlichting van de knoppen op de achterkant van de camera instellen. Door de verlichting van de knoppen in te schakelen, kunt u ze zelfs in een donkere omgeving visueel herkennen.


De knoppen die worden verlicht zijn de volgende:

  1. C3 (Eigen 3)-knop
  2. MENU (menu)-knop
  3. C1 (Eigen 1)-knop
  4. AF-ON (AF aan)-knop
  5. AEL-knop
  6. Fn (functie)-knop
  7. (weergave)-knop
  8. (wis)-knop
  1. MENU (Instellingen) → [Instellingenoptie][Verlichtingsinstell.] → gewenst instelitem.

Menu-onderdelen

Verlichting:
Stelt in wanneer de verlichting van de knoppen wordt ingeschakeld.
[Altijd aan]: De verlichting van de knoppen wordt altijd ingeschakeld wanneer de camera wordt ingeschakeld.
[Eig. t. aan: onderbr.]: De verlichting van de knoppen wordt ingeschakeld wanneer u op de customknop drukt waaraan [Verlichting aan] is toegewezen en wordt na een bepaalde tijdsduur weer uitgeschakeld.
[Altijd uit]: De verlichting van de knoppen wordt niet ingeschakeld.
Verlichtingshelderheid:
Stelt de helderheid van de verlichting van de knoppen in. ([Hoog]/[Gemiddeld]/[Laag])

Hint

  • Wanneer [Eig. t. aan: onderbr.] is geselecteerd, kunt u, nadat u op de customknop hebt gedrukt om de verlichting van de knoppen in te schakelen, de verlichting uitschakelen door nogmaals op de customknop te drukken terwijl de verlichting van de knoppen brandt.
  • In de standaardinstellingen is [Verlichting aan] toegewezen aan de knop (verlichting).

Opmerking

  • De verlichting van de knoppen is uitgeschakeld in de volgende situaties.
    • De automatische scherpstelling wordt uitgevoerd
    • Tijdens het opnemen van een stilstaande beeld
    • Tijdens het opnemen van bewegende beelden
    • Tijdens het aftellen voor de zelfontspanner in de opnamefunctie voor stilstaande beelden en de opnamefunctie voor bewegende beelden
    • Tijdens het updaten van de firmware van de camera of de lens
  • Wanneer [Verlichting] is ingesteld op [Altijd aan], is het stroomverbruik hoger dan normaal.
TP1002320094