Een Bluetooth-afstandsbediening gebruiken

U kunt dit apparaat op afstand bedienen met behulp van een Bluetooth-afstandsbediening (apart verkrijgbaar). Bezoek het supportportaal voor meer informatie over Bluetooth-afstandsbedieningen die door dit apparaat worden ondersteund.

https://www.sony.com/electronics/support/articles/00266597?utm_source=glean

Controleer stap 1 en 2.

Dit apparaat en de Bluetooth-afstandsbediening koppelen

  1. Stel [Netwerk] – [Bluetooth] – [Instelling] in op [Aan] in het volledige menu.
  2. Selecteer [Netwerk] – [Bluetooth] – [Koppeling] – [Uitvoer.] in het volledige menu.

    Het scherm pairing standby (koppelstand) verschijnt.

  3. Start het koppelen op de Bluetooth-afstandsbediening.

    Raadpleeg voor details over de bediening de bedieningshandleiding van de Bluetooth-afstandsbediening.

    Wanneer de koppeling is gelukt, verschijnt er een bevestigingsscherm voor de voltooide koppeling op dit apparaat.

  4. Selecteer [OK].

    Bediening van dit apparaat met de Bluetooth-afstandsbediening is ingeschakeld. Nadat u voor het eerst hebt gekoppeld, kunt u vervolgens dit apparaat en de Bluetooth-afstandsbediening verbinden door [Bluetooth] – [Instelling] op [Aan] te zetten.

Hint

  • De Bluetooth-afstandsbediening is alleen verbonden via Bluetooth terwijl dit apparaat wordt bediend vanaf de Bluetooth-afstandsbediening.
  • Als dit apparaat niet correct reageert, controleer dan het volgende en koppel de apparaten opnieuw.

    • Controleer of dit apparaat niet via Bluetooth is verbonden met een ander apparaat.
    • Voer [Netwerk] – [Netwerk resetten] – [Resetten] uit in het volledige menu.

Opmerking

  • Als dit apparaat wordt geïnitialiseerd, wordt de koppelingsinformatie gewist. Koppel de apparaten opnieuw om de Bluetooth-afstandsbediening te gebruiken.
  • Als de Bluetooth-communicatie onstabiel is, zorg er dan voor dat er zich geen obstakels, zoals andere personen of metalen voorwerpen, tussen dit apparaat en de Bluetooth-afstandsbediening bevinden.
  • Als er een groot volume aan datacommunicatie gaande is, zoals bij het streamen via de draadloze LAN 2,4 GHz-band, kan de reactie op de Bluetooth-afstandsbediening onstabiel worden. Overweeg in dat geval een bekabelde LAN-verbinding te gebruiken.
  • Als u een Bluetooth-verbinding maakt, koppel dan alleen met apparaten die u vertrouwt. Vermijd willekeurige koppelingsverzoeken van of verbindingen met onbekende apparaten.
  • Schakel de Bluetooth-functie uit als u de Bluetooth-afstandsbediening niet gebruikt.
  • Controleer regelmatig de lijst met gekoppelde apparaten en verwijder alle overbodige apparaten.
  • Als u de koppelingsgegevens voor de camera uit uw smartphone wilt verwijderen, verwijder dan de koppelingsgegevens van de smartphone uit [Gekoppeld appar. beheren].

De gekoppelde Bluetooth-afstandsbediening controleren

Selecteer [Netwerk] – [Bluetooth] – [Gekoppeld appar. beheren] in het volledige menu om de gekoppelde Bluetooth-afstandsbediening weer te geven.

Een gekoppelde Bluetooth-afstandsbediening verwijderen

  1. Selecteer [Netwerk] – [Bluetooth] – [Gekoppeld appar. beheren] in het volledige menu.
  2. Selecteer de Bluetooth-afstandsbediening om te verwijderen.
  3. Selecteer [Uitvoer.].
TP1002216513