De scherpstelling handmatig aanpassen

Om de scherpstelling handmatig aan te passen, stelt u [Opname] – [Scherpstellen] – [Scherpstelbewerking] in op [Handmat. scherpstellen] in het volledige menu.

Handmatig scherpstellen is nuttig voor de volgende onderwerpen.

  • Onderwerpen aan de verste kant van een venster die zijn bedekt met waterdruppels
  • Onderwerpen met weinig contrast tegen een achtergrond
  • Onderwerpen die zich verder weg bevinden dan de onderwerpen op de voorgrond
  • Wanneer de focus verloren gaat door een grote verandering in de omgevingstemperatuur (veranderingen door de temperatuureigenschappen van het objectief)

Hint

  • Als u 10 minuten of langer wacht nadat u het apparaat hebt ingeschakeld voordat u de scherpstelling aanpast, behoudt de camera een stabiele scherpstelling. Bovendien kunt u optimale opnameomstandigheden behouden door de scherpstelling opnieuw aan te passen als de omgevingstemperatuur aanzienlijk schommelt.

  • U kunt [Scherpstelbewerking] ook toewijzen aan [User 1] tot [User 6] op het scherm met gebruikerfuncties.

TP1002216426