Verbinding met het internet maken via bekabeld LAN

U kunt verbinding maken met internet door dit apparaat en een draadloze LAN-router aan te sluiten via een bekabelde LAN-verbinding.

Illustratie van verbinding maken met internet via bekabeld LAN

A: Smartphone/tablet

B: Computer

C: Draadloze LAN-router

D: Internet

  1. Sluit de LAN-aansluiting van dit apparaat met een LAN-kabel op een draadloze LAN-router aan.
  2. Schakel dit apparaat in.
  3. Stel [Netwerk] – [Bekabeld LAN] – [Instelling] in op [Aan] in het volledige menu.

    Opmerking

    • Dit apparaat biedt geen ondersteuning voor gelijktijdig gebruik van draadloos LAN en bekabeld LAN.
    • Het apparaat is geen netwerkapparaat (bijvoorbeeld een router of switchhub). Het wordt ten zeerste aangeraden om het apparaat met een netwerk te verbinden, waar u de netwerkinstellingen op de juiste manier kunt configureren en beheren om u tegen netwerkaanvallen, zoals DoS-aanvallen (Denial-of-Service-aanvallen), te beschermen.
    • Verbind het apparaat bij het verbinden met een netwerk via een router die op de juiste manier is geconfigureerd en wordt beheerd of verbind het met een LAN-poort met dezelfde functionaliteit. Als u verbinding maakt zonder dergelijke bescherming kunnen problemen ontstaan. Indien goed geconfigureerd, bieden routers voldoende bescherming tegen DoS-aanvallen of verlies van functionaliteit bij apparaten in het netwerk. Als u iets ongewoon opmerkt, koppel de camera dan onmiddellijk los van het netwerk.
  4. Configureer de volgende instellingen met [Netwerk] – [Bekabeld LAN] – [Gedetailleerde instellingen] in het volledige menu, indien nodig, en selecteer [Set].

    Configuratie-onderdeel Beschrijving
    [DHCP] Stel de DHCP-instelling in. Wanneer ingesteld op [Aan], wordt het IP-adres automatisch toegewezen aan dit apparaat.
    Instellen op [Uit] om handmatig een IP-adres aan dit apparaat toe te wijzen.
    [IP-adres]

    Voer het IP-adres van dit apparaat in.
    Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer [DHCP] is ingesteld op [Uit].

    Opmerking

    • Gebruik de knoppen ▲/▼ om voor elk segment een adres in het bereik 0.0.0.0 tot 255.255.255.255 in te voeren.
    [Subnetmasker]

    Voer het subnetmasker van dit apparaat in.
    Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer [DHCP] is ingesteld op [Uit].

    Opmerking

    • Gebruik de knoppen ▲/▼ om voor elk segment een adres in het bereik 0.0.0.0 tot 255.255.255.255 in te voeren.
    [Gateway]

    Voer het adres van de gateway in.
    Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer [DHCP] is ingesteld op [Uit].

    Opmerking

    • Gebruik de knoppen ▲/▼ om voor elk segment een adres in het bereik 0.0.0.0 tot 255.255.255.255 in te voeren.
    [DNS auto] Stel in of DNS automatisch moet worden verkregen. Wanneer ingesteld op [Aan], wordt het DNS serveradres automatisch verkregen.
    Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer [DHCP] is ingesteld op [Aan].
    [Primaire DNS-server]

    Voer het adres van de primaire DNS-server in.
    Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer [DNS auto] is ingesteld op [Uit].

    Opmerking

    • Gebruik de knoppen ▲/▼ om voor elk segment een adres in het bereik 0.0.0.0 tot 255.255.255.255 in te voeren.
    [Secundaire DNS-server]

    Voer het adres van de secundaire DNS-server in.
    Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer [DNS auto] is ingesteld op [Uit].

    Opmerking

    • Gebruik de knoppen ▲/▼ om voor elk segment een adres in het bereik 0.0.0.0 tot 255.255.255.255 in te voeren.

Hint

  • Om "Monitor & Control" of de "Camera Remote SDK" te gebruiken om dit apparaat vanaf een extern apparaat te bedienen, stelt u [Netwerk] – [Bekabeld LAN] – [Camera-afstandsbediening] in op [Inschakel.] in het volledige menu.
  • U kunt de authenticatie-informatie voor verbinding met het apparaat bekijken met [Netwerk] – [Netwerkconfiguratie] – [Toeg.authent.-instell. tonen] in het volledige menu. Zorg dat het scherm niet bekeken kan worden en dat de QR code afbeelding niet gekopieerd kan worden door anderen.

Opmerking

  • Selecteer altijd [Instellen] na het wijzigen van de verbindingsinstellingen. De instellingen worden niet toegepast als [Instellen] niet is geselecteerd.
TP1002216474