[Speaker Settings]

[Speaker Settings Information]

U kunt de waarde die gemeten werd met [Sound Field Optimization] of de waarde bij [Manual Speaker Settings] gebruiken voor de luidsprekerinstellingen. Om deze instelling uit te voeren, start u [Sound Field Optimization].

[Sound Field Optimization value]: de waarde die gemeten werd met [Sound Field Optimization] wordt gebruikt voor de luidsprekerinstellingen.

[Manual Speaker Settings value]: de waarde bij [Manual Speaker Settings] wordt gebruikt voor de luidsprekerinstellingen.


[Sound Field Optimization]

Deze functie meet automatisch de afstand van de Bar Speaker tot aan het plafond, de zijwanden, de optionele subwoofer (*1) en de achterluidsprekers (*1), en optimaliseert de kwaliteit van het surroundgeluid voor uw omgeving.

Volg de instructies op het scherm om de metingen te starten. Tijdens de optimalisatie produceren de luidsprekers gedurende ongeveer een minuut een geluid.

*1Dit wordt alleen gemeten wanneer u de optionele subwoofer of achterluidsprekers gebruikt.

Opmerking

  • Maak tijdens de optimalisatie niet al te veel lawaai, wandel niet rond en sta niet voor de luidsprekers.


[Manual Speaker Settings]

U kunt de afstand tot de luidsprekers vanaf uw luisterpositie en het uitgangsniveau ervan enz. aanpassen om een optimaal surroundgeluid te verkrijgen.

  • [Distance]

    Stel de afstand van de luisterpositie tot de luidspreker in.

    U kunt een waarde instellen van 0 m tot 10 m (in stappen van 0,1 m).

    [Front]: hiermee stelt u de afstand tot de voorste luidspreker in.

    [Subwoofer](*1): hiermee stelt u de afstand tot de optionele subwoofer in.

    [Rear Speaker (L)](*2): hiermee stelt u de afstand tot de optionele linker achterluidspreker in.

    [Rear Speaker (R)](*2): hiermee stelt u de afstand tot de optionele rechter achterluidspreker in.

    *1Dit item verschijnt wanneer u de optionele subwoofer gebruikt.

    *2Dit item verschijnt wanneer u de optionele achterluidsprekers gebruikt.

  • [Level]

    Regel het geluidsniveau van de luidsprekers.

    U kunt de waarde instellen van -6,0 dB tot 6,0 dB (in stappen van 0,5 dB).

    [Front]: hiermee stelt u het niveau van de voorste luidspreker in.

    [Height]: hiermee stelt u het niveau van de hoogteluidspreker in.

    [Beam Tweeter (L)]: hiermee stelt u het niveau van de linker straalvormende tweeter in.

    [Beam Tweeter (R)]: hiermee stelt u het niveau van de rechter straalvormende tweeter in.

    [Subwoofer](*1): hiermee stelt u het niveau van de optionele subwoofer in.

    [Rear Speaker (L)](*2): hiermee stelt u het niveau van de optionele linker achterluidspreker in.

    [Rear Speaker (R)](*2): hiermee stelt u het niveau van de optionele rechter achterluidspreker in.

    [Rear height (L)](*3): hiermee stelt u het niveau van de optionele linker achterhoogteluidspreker in.

    [Rear height (R)](*3): hiermee stelt u het niveau van de optionele rechter achterhoogteluidspreker in.

    *1Dit item verschijnt wanneer u de optionele subwoofer gebruikt.

    *2Dit item verschijnt wanneer u de optionele achterluidsprekers gebruikt.

    *3Dit item verschijnt wanneer u de optionele achterhoogteluidsprekers gebruikt.

  • [Distance to the ceiling]

    U kunt de afstand van de luidspreker tot aan het plafond instellen.

    [Front]: hiermee stelt u de afstand tot de voorste luidspreker in. U kunt een waarde instellen van 1 m tot 5 m (in stappen van 0,1 m).

    [Rear Speaker (L)](*1): hiermee kunt u de afstand tot de optionele linker achterluidspreker selecteren.

    [Rear Speaker (R)](*1): hiermee kunt u de afstand tot de optionele rechter achterluidspreker selecteren.

    *1Dit item verschijnt wanneer u de optionele achterluidsprekers gebruikt.

  • [Distance to a side wall]

    U kunt de afstand van de luidspreker tot aan een zijwand instellen.

    U kunt een waarde instellen van 0,5 m tot 10 m (in stappen van 0,1 m).

    [System (L)]: hiermee stelt u de afstand vanaf de linkerkant van de Bar Speaker in.

    [System (R)]: hiermee stelt u de afstand vanaf de rechterkant van de Bar Speaker in.

  • [Test Tone]

    Hiermee kunt u de luidsprekers een testtoon laten uitvoeren om de beschikbare luidsprekers te controleren.

    [On]: de luidsprekers produceren een testtoon.

    [Off]: de luidsprekers produceren geen testtoon.

Hint

  • U kunt de maateenheden (meter of voet) wijzigen door op OPTIONS te drukken.


[Wireless Speaker Settings]

Hiermee kunt u verschillende items met betrekking tot de draadloze verbinding tussen het luidsprekersysteem en de optionele subwoofer/achterluidsprekers aanpassen.

  • [Link mode]

    Hiermee kunt u de verbindingsmethode voor de optionele subwoofer en achterluidsprekers instellen.

    [Auto]: de optionele subwoofer en achterluidsprekers worden automatisch met het luidsprekersysteem verbonden.

    [Manual]: de optionele subwoofer en achterluidsprekers worden handmatig verbonden.

  • [Start manual linking]

    Hiermee kunt u de handmatige verbinding van de optionele subwoofer/achterluidsprekers met het luidsprekersysteem starten. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing die bij de optionele luidsprekers geleverd is voor meer informatie.

  • [Check wireless connection]

    Hiermee kunt u de verbindingsstatus van de optionele subwoofer en achterluidsprekers controleren.

  • [RF Channel]

    Hiermee kunt u storing door andere draadloze apparaten minimaliseren.

    [On]: kies normaal deze instelling. Het luidsprekersysteem selecteert automatisch het kanaal met een betere signaaloverdracht. Dit is een krachtigere modus wat draadloze interferentie betreft.

    [Off]: het luidsprekersysteem selecteert een kanaal uit de beperkte frequentieband om externe draadloze interferentie te voorkomen. Als het geluid hapert wanneer [On] geselecteerd is, kunt u dit mogelijk oplossen door [Off] te selecteren.

  • [Wireless Playback Quality]

    Hiermee kunt u de kwaliteit van het draadloos afspelen van de optionele subwoofer en achterluidsprekers instellen.

    [Sound Quality]: de geluidskwaliteit krijgt voorrang boven de verbindingsstatus van de draadloze verbinding.

    [Connection]: de verbindingsstatus krijgt voorrang boven de geluidskwaliteit.

  • [Software Version]

    Hiermee kunt u de softwareversie van de optionele subwoofer en achterluidsprekers controleren.

Opmerking

  • [RF Channel], [Wireless Playback Quality] en [Software Version] kunnen alleen geselecteerd worden wanneer de optionele subwoofer en achterluidsprekers verbonden zijn met het luidsprekersysteem.
  • [RF Channel] is in sommige landen/regio's niet beschikbaar.


[TV Center Speaker Settings]

Als u het luidsprekersysteem met behulp van de HDMI-kabel (bijgeleverd) en de kabel voor modus TV-middenspeaker (bijgeleverd) aansluit op de tv, kunt u het middendeel van het geluid van het luidsprekersysteem uitvoeren via de tv. Stel [Control for HDMI] in op [On].

  • [TV Center Speaker Mode]

    [On]: een tv die compatibel is met deze functie wordt gebruikt als middenluidspreker.

    [Off]: uit

  • [TV Position Setting]

    Volg de instructies op het scherm om het luidsprekersysteem zo ten opzichte van de tv te positioneren dat de hoogte waarop geluiden (bv. dialogen) hoorbaar zijn, afgestemd is op de hoogte van de tv.

Opmerking

  • Afhankelijk van de audiocontent is het mogelijk dat er geen geluid uitgevoerd wordt via de tv.
  • Wanneer u het surround-effect ingesteld hebt op [Sound Field: Effect On] door op de afstandsbediening op SOUND FIELD te drukken, wordt er geen geluid uitgevoerd via de tv.